AllesOverLpa

Lp(a) en hart- en vaatziekten

Lp(a) als de verborgen schakel tussen erfelijke aanleg en hartproblemen

Verhoogde waarden van Lipoproteïne(a) oftewel Lp(a), worden steeds vaker erkend als een van de krachtigste onafhankelijke risicofactoren voor hart- en vaatziekten.

Lp(a) is niet zomaar een cholesterol deeltje. Het heeft unieke eigenschappen die het risico op vaatvernauwing, stolsels en hartklep verkalking aanzienlijk kunnen vergroten. Zelfs mensen met een gezond cholesterolprofiel kunnen hierdoor hartproblemen ontwikkelen.

Waarom Lp(a) zo’n belangrijke rol speelt
Lp(a) lijkt op het ‘gewone’ LDL-cholesterol, maar heeft een extra eiwitdeel, namelijk apolipoproteïne(a), dat het gedrag ervan verandert. Daardoor heeft Lp(a) de nadelen van twee werelden: het kan zich ophopen in de bloedvaten én het beïnvloedt ontstekingen en bloedstolling.

Een te hoge Lp(a)-waarde kan het hart en de bloedvaten op drie manieren beschadigen:

  1. Ophoping van cholesterol in de vaatwand – Lp(a) dringt in de wand van bloedvaten en blijft daar plakken. Dat veroorzaakt aderverkalking (atherosclerose), waardoor de bloedvaten nauwer worden en de doorstroming vermindert.
  2. Ontstekingen in de vaatwand – De ophoping van Lp(a) zorgt voor ontstekingsreacties. Hierdoor kunnen vetophopingen in de vaatwand (“plaques”) kwetsbaar en instabiel worden. Als zo’n plaque scheurt, kan plotseling een bloedprop ontstaan die een hartinfarct of beroerte veroorzaakt.
  3. Minder afbraak van bloedstolsels Lp(a) lijkt sterk op een eiwit dat normaal helpt bij het oplossen van stolsels. Door die gelijkenis verstoort het dit natuurlijke proces, waardoor bloedpropjes langer blijven bestaan en de kans op afsluitingen groter wordt.

Lp(a) is een actieve veroorzaker van hart- en vaatziekten, zelfs bij mensen met een gezonde leefstijl.

 

1. Lp(a) en hartinfarct
Een verhoogde Lp(a)-waarde vergroot het risico op coronaire hartziekten, ook bij mensen met een normaal LDL-cholesterol. Onderzoek laat zien dat bij patiënten jonger dan 60 jaar die een hartinfarct doormaken, meer dan één op de drie een verhoogde Lp(a)-waarde heeft.

Hoe Lp(a) het risico op een hartinfarct verhoogt:

  • Lp(a) hecht zich aan beschadigde vaatwanden in de kransslagaders.
  • Het versnelt de vorming van plaques en bevordert ontstekingen.
  • Het remt de natuurlijke afbraak van bloedstolsels, waardoor afsluitingen sneller ontstaan.

Zelfs een lichte verhoging van Lp(a) kan op de lange termijn het risico op een hartinfarct vergroten, vooral in combinatie met roken, hoge bloeddruk of diabetes.

2. Lp(a) en beroerte
Naast hartinfarcten speelt Lp(a) ook een belangrijke rol bij beroertes, zoals een TIA of een herseninfarct. Onderzoek laat zien dat verhoogde Lp(a)-waarden samenhangen met een hoger risico op ischemische beroertes, vooral bij mensen jonger dan 65 jaar.

Hoe Lp(a) het risico op een beroerte verhoogt:

  • Lp(a) bevordert ontstekingen en stolselvorming in de hersenslagaders.
  • Het versnelt vaatverkalking in de halsslagaders (carotis).
  • Het vergroot de kans op kleine bloedpropjes die de bloedtoevoer naar hersenweefsel blokkeren.

Hoewel beroertes meestal door meerdere factoren worden veroorzaakt, kan een verhoogde Lp(a)-waarde het risico aanzienlijk verhogen, zelfs wanneer andere risicofactoren goed onder controle zijn.

3. Lp(a) en aortaklepstenose
Een van de sterkste en best onderbouwde verbanden is dat tussen Lp(a) en aortaklepverkalking, ook wel aortaklepstenose genoemd. Het apolipoproteïne(a)-deel van Lp(a) stimuleert de afzetting van vetten en calcium in de hartkleppen. Hierdoor wordt de aortaklep geleidelijk dikker en stijver. Het hart moet daardoor steeds harder werken om het bloed door de klep heen te pompen.

Belangrijk om te weten:

  • Lp(a) is tot op heden de enige bekende genetische risicofactor voor aortaklepstenose.
  • Mensen met een verhoogde Lp(a)-waarde hebben twee tot drie keer meer kans om deze aandoening te ontwikkelen dan mensen met een lage waarde.
  • In de praktijk begint aortaklepverkalking bij hen vaak vijf tot tien jaar eerder en verloopt het ziekteproces sneller, vooral vanaf middelbare leeftijd.
  • De aandoening ontwikkelt zich meestal langzaam en zonder duidelijke klachten. Naarmate de klep stijver wordt, krijgt het hart steeds meer moeite om bloed rond te pompen. Kortademigheid, pijn op de borst en vermoeidheid zijn vaak de eerste signalen.

Omdat er momenteel geen medicijnen bestaan die aortaklepverkalking kunnen stoppen of terugdraaien, is vroege herkenning extra belangrijk. Met name bij mensen met een familiaire voorgeschiedenis van hartklepziekten kan het tijdig vaststellen van een verhoogde Lp(a)-waarde van grote waarde zijn.

4. Lp(a) en atherosclerose
Atherosclerose, ook wel slagaderverkalking genoemd, is het onderliggende proces bij het merendeel van de hart- en vaatziekten. Bij mensen met een verhoogde Lp(a)-waarde begint dit proces vaak al op jongere leeftijd.

De rol van Lp(a) bij vaatwandbeschadiging:

  • Lp(a) hecht zich aan beschadigde vaatwanden en brengt cholesterol rechtstreeks de vaatwand in.
  • Het stimuleert ontstekingen, waardoor plaques instabieler en kwetsbaarder worden.
  • Het remt de natuurlijke afbraak van bloedstolsels, waardoor vernauwingen en afsluitingen sneller ontstaan.
  • Het transporteert geoxideerde fosfolipiden, die de veroudering en verstijving van bloedvaten versnellen.

Als gevolg hiervan kunnen bij mensen met een verhoogde Lp(a)-waarde al op relatief jonge leeftijd vernauwingen in de slagaders ontstaan, vaak nog voordat er duidelijke klachten zijn.

Waarom verdient Lp(a) een vaste plek in preventieve zorg?
Het verband tussen Lp(a) en hart- en vaatziekten is inmiddels zo sterk, dat internationale richtlijnen adviseren om iedere volwassene ten minste één keer in het leven te testen op Lp(a).

Door het meten van Lp(a) wordt duidelijk of er sprake is van een verhoogd erfelijk risico op hart- en vaatziekten. Dit maakt het mogelijk om eerder en gerichter preventieve maatregelen te nemen, zoals:

  • Vroegtijdig starten met intensieve verlaging van het LDL-cholesterol.
  • Striktere controle van bloeddruk en bloedsuiker.
  • Meer aandacht voor leefstijl, beweging en slaap.
  • Grotere bewustwording binnen families waarin hart- en vaatziekten vaker voorkomen.

Het meten van Lp(a) is daarmee geen overbodige luxe, maar een essentieel onderdeel van moderne preventieve hart- en vaatzorg.

Scroll to Top